Verslag fotoweekend 2007

Home/Excursie/Verslag fotoweekend 2007
Fotoweekend in Limburg een super macroweekend
foto’s van dit weekend zijn te vinden op het avondverslag van 11-9-2007
Het aantal aanmeldingen (14) was zeer hoopgevend voor een geslaagd weekend.
Wij (Gerard, Edwin, Johan en Olaf) besloten met elkaar te reizen en zo vertokken we vrijdag, vroeg in de ochtend (rond de klok van 05:00). Na een flinke rit waren we aangekomen in het gebied rond de Meinweg. We besloten na een korte pauze naar een plasje te gaan waar 20 soorten libellen waren waargenomen. Echter slecht te vinden. Dus iets verder doorrijden op dezelfde weg en ter hoogte van de “ijzeren Rijn” de auto parkeren. Volledig bepakt trokken we er op uit. Wat heet volledig …. We hadden achteraf veel te weinig drinken meegenomen. Maar dat ter zijde. Na 5 minuutjes kwamen een leuk plasje met kikkers tegen maar er zou meer water moeten zijn en werd er verder gelopen. Na ruim 15 minuten lopen kwamen we bij een oude watermolen met daar een watertje. Het zonnetje stond inmiddels hoog aan de hemel en de temperatuur liep toch al tegen de 30 graden. Uiteindelijk werden hier de fototassen open geritst en werden de eerste platen van wantsen, kevers en spinnetjes gemaakt.
Na een uurtje werden we door een Duitser (dit keer een zeer vriendelijke…) aangesproken die zich zeer interesseerde waar we meebezig waren. Hij deed ons de suggestie om eens een kijkje te gaan nemen bij de oude zandafgraving. Hij gaf ons te kennen dat er vroeger zand werd gewonnen t.b.v. de porseleinbakkerijen. Nu was het verlaten en was er een mooi stukje natuur ontstaan met zeer opmerkelijke vegetatie. Hier door geïnspireerd liepen we verder. Leuke wandeling maar toch even klimmen, was achteraf niet nodig. En inderdaad de plek waar we uiteindelijke uitkwamen was zeer fotogeniek en er boden zich veel kansen aan om een paar leuke plaatjes te maken van libellen, plantjes, kikkers e.d.. Na een aantal uurtjes zijn we toch nog weer verder getrokken. Daar kwamen we bij nog een plasje dat ook zeer intrek was bij een Duitse schoolklas. Inmiddels was wel duidelijk geworden dat het te kort aan water langzaam zijn tol ging eisen. Maar we hebben het overleefd. Het weemelde hier van de kleine padjes en kikkertjes en moesten we zeer uitkijken waar we allemaal stonden. Hier werden nog een aantal plaatjes gemaakt en met name het lieveheersbeestje, wat zijn dekschildjes aan het drogen was, was een gewild onderwerp.

 

De dorst maakte het fotograferen ondergeschikt en we besloten na pak weg 6 uur fotograferen de terugweg te aanvaarden. Maar niet voordat de teletoeters nog even uit de tas werden gehaald om een ijsvogeltje te platen. Een maal bij de auto aangekomen werd er veel gedronken en werden de oververhitte hoofden een beetje gekoeld. Omdat het nog mooi weer was besloten we toch nog even het veld in te trekken bij het eerste plasje wat we hadden gezien. Achteraf was dit een gouden greep want het stikte hier van de insecten en we waren zoet op een paar vierkante meter. Veel sprinkhanen hier maar ook leuke wantsen en spinnetjes. Inmiddels liep de klok al tegen het avonduur en werd de lucht toch wel wat erg donker. Toch de spullen maar ingepakt en naar de camping het Elfenmeer. Daar waren Wiebe, Muriel, Nol en Frank al gearriveerd en konden we ons verhaal even doen bij een wel verdiend koud biertje. En dat ging er wel in………Muriel plaagde me een beetje door haar platen van de boomkikkers te laten zien. Maar dat zou goed komen op de zaterdag.

 

Ook Niels en Brenda waren gearriveerd en kregen we een afbericht van Theo. De bedden/indeling werd(en) gemaakt voor de stacaravans, die overigens een hoog Frans Bouwer gehalten hadden.
Later is ook Dini gearriveerd. Na een hapje eten en een gezellige avond waar Nanette ook bij aanschoof werd er besloten om de volgende dag de Meinweg in te trekken. Vroeg op want 06:00 was de planning.
De zaterdagochtend dus vroeg uit de veren op weg naar de Meinweg en wel de rolvennen. Iedereen was mee. De rolvennen worden gekenmerkt door kleine plasjes met veel natte vegetatie er om heen. Dit weer afgewisseld met wat berken en langs de randen zand met heide. Het weer was grijs en bewolkt. Fotografisch had ik mijn dag niet echt. Ik had weinig inspiratie en achteraf heb ik er veel te weinig uitgehaald wat er in zat. Maar als je het in eerste instantie niet ziet maak je ook de platen niet! Bij de rolvennen was er voor iedereen wel wat te fotograferen, zoals kikkers, waterlelies, libellen en de vegetatie zoals ronde zonnedauw, wateraardbei enz.. Landschappelijk was het wel mooi maar door het grijze weer niet fotogeniek. Uiteindelijk besloot ik maar te proberen of ik zonnedauw kon fotograferen. Ik moest wel tot mijn knieën door het water want zonder pijn geen glorie. En wat is zonnedauw moeilijk te fotograferen! Ik ben in ieder geval lekker bezig geweest.
Rond de rolvennen is ook het gebied wat behuisd wordt door de adder en de gladde slang echter hebben we die niet waargenomen. Na een paar uurtjes hadden we het wel gezien en begon het in de buurt al een beetje te onweren. Een maal onderweg naar de camping werden we overvallen door een enorme stortbui. In een mum van tijd stonden alle paden blank en werden we flink nat. Niels, die reeds met de fiets vooruit was gesneld, bood ons nog een helpende hand door met zijn auto het gebied in te rijden en in ieder geval onze fotospullen mee te nemen. Niels nogmaals bedankt voor je hulp het scheelde een hoop schade.
Een maal op de camping aangekomen konden we bijkomen van de stortbui. Met droge kleren zijn we uiteindelijk naar Echt gereden opzoek naar de boomkikkers die Wiebe en Muriel reeds vrijdag wisten te platen. Uiteindelijk hebben we die ook gevonden en was het dringen om een plaat te maken. Maar iedereen heeft de kans gehad, hoop ik. Maar ook hier ging het met het weer volledig mis. Het noodweer barste hier ook los en konden we nog een beetje schuilen onder de bomen. Na ruim een half uur was de bui weg. Nu konden we weer een aantal platen schieten. Na deze ervaring zijn we nog met een kleine groep gaan fotograferen langs de oever van de Roer. Hier waren voornamelijk de beekweide juffers onderwerp. Hoewel lastig te platen met rommelige achtergrond zijn hier toch wel een paar leuke platen gemaakt. Het liep tevens nu richting etenstijd, na wat rond bellen met de anderen zijn we bij een restaurantje beland waar we lekker gegeten hebben. In ieder geval de asperges waren goed van smaak. De avond werd nog afgesloten met een borreltje in een van de stacaravans. Het was wederom gezellig en velen keken, ondanks de buien, terug op een geslaagde fotodag.
Zondag was wat relaxter opstaan, hoewel de stacaravans moesten schoon, de tenten weer in gepakt en de spullen weer in de auto’s. Daarna was het de bedoeling nogmaals de Meinweg in te trekken. Hoewel het weer iets vriendelijker was dan zaterdag was het nog niet werelds. Ter hoogte van de Meinweg hebben we gezocht naar een parkeerplekje. Er was wat discussie over het parkeren en besloten we ons op te splitsen. Johan, Edwin en Olaf zijn uiteindelijk niet de Meinweg meer in gegaan maar nogmaals naar Echt gereden maar niet voordat we nog even gestopt zijn bij het bezoekerscentrum om nog een vliegenvangertje te platen. Die teletoetes moeten ook gebruikt worden. In Echt hebben we nog wel een paar boomkikkers waargenomen en geprobeerd om wat insecten en vegetatie op de plaat te zetten.
Nadat we klaar waren/uitgekeken op de onderwerpen wilde we nog Purperreigers gaan fotograferen echter het weer gooide wat roet in het eten. We besloten toch maar om het weekend te beëindigen en zijn we via een flinke omweg, van wegen wegafsluitingen, veilig weer thuis gekomen.
Ik sluit af met:
Wiebe bedankt voor de organisatie en de goede locatie! Brenda, Niels, Edwin, Johan, Gerard, Dini, Frank, Wiebe, Nol, Muriel en Nanette bedankt voor een gezellig weekend en ondanks het weer een geslaagd weekend.
Olaf
Camping Recreatiepark Elfenmeer in Herkenbosch, Midden-Limburg
Meinweg 1 – 6075 NA Herkenbosch (Zie Plattegrond onderaan)
0475-531 689
grenspark Maas-Swalm-Nette
DE MEINWEG
NATIONAAL PARK
Zestienhonderd hectare heide en bossen met geheimzinnige verleden en kristalheldere, meanderende beekjes ten oosten van Roermond: dat is het Nationaal Park De Meinweg, een uitgestrekt natuurgebied met opvallend veel bijzondere bewoners.
Rond de vennen liggen adders en gladde slangen te zonnen, langs de bosranden scharrelen reeën met hun jongen, diep in het naaldwoud wroeten wilde zwijnen in de grond en boven de paarse heide klinkt de klaaglijke roep van de havik.
Meer dan honderd verschillende soorten vogels, bijna vierhonderd dag- en nachtvlindersoorten, ongeveer dertig soorten libellen en twaalf soorten amfibieën voelen zich hier helemaal thuis.
En dan noemen we nog niet eens de hagedissen, de steenmarters, de vossen en de vele, vele bijzondere planten en wilde bloemen die u in De Meinweg kunt ontdekken…
Staatsbosbeheer is dan ook heel blij dat De Meinweg in 1995 officieel een Nationaal Park is geworden. Dit betekent dat de afgelopen jaren een uitgebreid plan is gemaakt voor het heheer en de bescherming van de natuur in De Meinweg. Nu heeft De Meinweg dezelfde status als de Hoge Veluwe en de Kennemerduinen. Zo is Nationaal Park De Meinweg een veilig thuis voor wilde dieren en planten. Maar ook een oase van rust en ruimte voor natuurliefhebbers.
Nu en voor altijd…
Eeuwenlang was het gebied gemeenschappelijk bezit van veertien dorpjes: Vlodrop, Herkenbosch, Melick, Maasniel, Herten, Roermond en acht andere dorpen die nu bij Duitsland horen. Zo is De Meinweg ook aan zijn naam gekomen: ‘mein’ betekent gemeenschappelijk.
De dorpelingen deden veel ‘boodschappen’ in De Meinweg: men kapte er bomen, hoedde er vee, verzamelde er strooisel voor de stallen, er werd heide gemaaid, gebrand en geplagd. Kortom, er werd meer gehaald dan gebracht. Daardoor verdwenen de dichte eiken- en beukenbossen en bleef er alleen kale heide over.
Deze heide werd onder Napoleon verdeeld over de veertien omringende dorpen. Aan de lange, rechte paden en grenzen is wel te zien dat de liniaal daarbij met veel enthousiasme is gehanteerd.
Diverse waterplasjes zijn ontstaan doordat mensen er veen afgroeven voor de turfwinning. Pas na 1930 gingen mensen eindelijk ook eens iets teruggeven aan de leeggeplunderde Meinweg: er werden bossen met jonge boompjes aangeplant. Uiteraard wet met een economisch doel. De aanleg van deze bossen diende als werkverschaffing en uiteindelijk wilde men de bomen oogsten voor stuthout in de mijnen.
En toch… juist door al dat intensieve gebruik in de afgelopen eeuwen is De Meinweg uiteindelijk een gebied met een heel afwisselende en aparte natuur geworden.
Voor uitgebreide informatie over de Meinweg kunt u terecht bij het Bezoekerscentrum.
Fauna
Vogels
De Meinweg is een belangrijk gebied voor vogels. De laatste vijf jaar zijn er tussen de negentig en honderdtien vogelsoorten waargenomen. Zestig soorten zijn broed- of standvogels. Het open landbouwgebied op het Beatrixplateau wordt door trekkende kraanvogels gebruikt als pleisterplaats.
In de heide zien we als meest opvallende vogels de fitis, de boompieper, de graspieper, de geelgors, de roodborsttapuit en de nachtzwaluw.
In de bossen broeden onder andere havik, buizerd, grote bonte specht, koolmees, pimpelmees, vink, vlaamse gaai en gekraagde roodstaart.
Bij de vennen leven wilde eend, fuut, waterhoen en waterral.
Meer informatie over vogelgroepen.
Zoogdieren
Door de grote afwisseling aan terreintypen en de ligging direct tegen het uitgestrekte bosgebied in Duitsland, biedt De Meinweg een goed leefgebied voor allerlei diersoorten. Vrijwel overal komen wilde zwijnen en reeën voor. De reeën zitten vooral in de droge beschutte delen. De zwijnen leven zich uit in de naaldbossen. Ze zijn echter zo schuw dat ze overdag zelden of nooit te zien zijn. Alleen hun sporen verraden hun aanwezigheid. Hetzelfde geldt voor de kleinere roofdieren zoals vos, bunzing, steenmarter, hermelijn en wezel. Een aardige uitzondering hierop is de eekhoorn. Die is te nieuwsgierig om schuw te zijn.
Meer informatie over het Wilde zwijn.
Kruipende dieren
Voor reptielen en amfibieën is het nationaal park een uitstekend leefgebied. Ze komen in grote aantallen voor en er leven vele soorten. Men vindt er reptielen als de adder, zandhagedis, levenbarende hagedis, hazelworm en gladde slang. Deze dieren komen ’s zomers boven de grond en koesteren zich in de zon. De gladde slang is echter zo zeldzaam dat men hem niet vaak zal zien. Voorts komen er twaalf van de zestien inheemse soorten beschermde amfibieën voor, waaronder de heikikker, de knoflookpad, de alpenwatersalamander en de vinpootsalamander.
Meer informatie over de adder.
Andere dieren
Enkele bijzondere vissoorten komen in de beken voor: de zeldzame beenprik, het bermpje en de kleine modderkruiper. In de vochtige delen zijn bovendien veel vlinder te vinden: ongeveer vijftig soorten dagvlinder en driehonderveertig soorten nachtvlinders.
Libellen
Het Meinweggebied behoort tot de soortenrijkste libellengebieden in Nederland.
Er zijn in dit gebied veertig verschillende libellensoorten waargenomen, waaronder waterjuffers, beekjuffer en glazenmakers.
Libellen houden van warmte en zijn te vinden nabij het water, onder andere langs beken, bij poelen en vennen. Vanaf mei kan men de eerste volwassen libellen tegenkomen. Nadat ze uit de laatste larvehuid zijn gekropen, hetgeen meestal ’s nachts of in de vroege ochtend gebeurt, vliegen ze rond om te eten en uit te kleuren. Libellen kunnen niet steken; in het achterlijf liggen slechts spijsverterings- en geslachtsorganen.
De laatste decennia hebben zich bij vele libellen, evenals bij andere planten en dieren, een drastische achteruitgang afgetekend. Libellen zijn voor hun voortplanting en ontwikkeling aangewezen op zuivere, heldere, voedselarme (stromende) wateren met structuurrijke vegetatie. Juist deze biotopen zijn door de activiteiten en ingrepen van de mens uitermate zeldzaam geworden. Het voortbestaan van de libellen in De Meinweg is afhankelijk van het beheer van poelen en vennen (biotoopbescherming) binnen het gebied en het terugdringen van negatieve invloeden van buitenaf (onder andere de grondwaterstanddaling).
2017-05-18T21:48:25+02:00